Angst

Er zijn verschillende soorten angstklachten. De meest voorkomende angstklachten zijn fobieën, sociale angst, paniekklachten, dwangklachten, hypochondrie en gegeneraliseerde angst. Deze klachten worden hieronder kort besproken. Mocht de klacht die u heeft hieronder niet worden genoemd, kunt u contact opnemen om te kijken of Move for Motion u een behandeling kan bieden.

Hoewel de effecten uiteraard per persoon verschillen, is cognitieve gedragstherapie een effectieve vorm van therapie en de aangewezen behandelvorm bij angstklachten. Sommige angstklachten worden evenwel door middel van EMDR (Eye Movement Desensitization and Reprocessing) behandeld. Dit zou kunnen gebeuren wanneer de angstklachten zijn ontstaan of verergerd na een zeer angstige en nare gebeurtenis.

Bijna iedereen met angstklachten is geneigd om hetgeen waar hij of zij bang voor is te vermijden. Een behandeling middels cognitieve gedragstherapie bestaat o.a. uit het uitdagen van de angstige gedachten en het stapsgewijs confronteren met hetgeen de angst oproept. Dit laatste wordt ook wel ‘exposure’ genoemd. Uw behandelaar zal u daar zorgvuldig bij begeleiden.

De Vereniging voor Gedragstherapie en Cognitieve Therapie (VGCt) heeft de folder ‘Cognitieve therapie bij angststoornissen’ uitgebracht, welke verkrijgbaar is via hun website of via uw behandelaar. Hierin vindt u meer informatie over de behandeling van angstklachten. Ook op de website van de Angst, Dwang en Fobiestichting (ADF Stichting) kunt u heldere informatie vinden.

Fobieën

We spreken van een specifieke fobie, wanneer u heel bang bent voor een specifieke situatie en u hier veel last van heeft in uw dagelijks leven. Mensen met een fobie zullen hetgeen waar ze bang voor zijn proberen te vermijden of reageren zeer angstig wanneer zij er toch mee geconfronteerd worden.

Er worden vijf subtypen onderscheiden, te weten:

  • Dierfobieën, zoals een hondenfobie, slangenfobie, e.d.
  • Fobieën voor de natuurlijke omgeving, zoals hoogtevrees, angst voor onweer, e.d.
  • Bloed-, injectie- en letselfobieën, zoals een fobie voor injectienaalden of een tandartsfobie
  • Situationele fobieën, zoals vliegangst, autorij-angst, e.d.
  • Overige fobieën, zoals een fobie voor overgeven

Sociale angst

Een sociale angst, ook wel sociale fobie genoemd, kenmerkt zich door heftige angst in een sociale situaties. Mensen met een sociale angst zijn vaak bang om negatief beoordeeld te worden door anderen of om zich beschamend te zullen gedragen in een sociale situatie. Zij hebben hierdoor de neiging om de gevreesde sociale situaties uit de weg te gaan.

Er kan sprake zijn van een sociale angst, wanneer mensen grote moeite hebben om voor een groep te staan, om anderen aan te spreken, wanneer mensen erg bang zijn om te gaan blozen, zweten of trillen of wanneer mensen faalangst ervaren.

Paniekklachten

Paniekaanvallen zijn plotselinge, korte periodes van heftige angst die gepaard gaan met lichamelijke sensaties zoals hartkloppingen, zweten, kortademigheid, duizeligheid en trillen.

Veel mensen zijn geneigd situaties te vermijden waar ze ooit een paniekaanval gehad hebben. Zo durven mensen met paniekklachten soms niet meer naar drukke plekken of met het openbaar vervoer te reizen.

Wanneer iemand terugkerende paniekaanvallen heeft en een angst heeft om weer een paniekaanval te krijgen of bang is voor de mogelijke gevolgen van de paniekaanvallen, spreken we van een ‘paniekstoornis. Wanneer iemand ook situaties vermijdt uit angst om dan een paniekaanval te krijgen, zeggen we dat er sprake is van een ‘paniekstoornis met agorafobie’.

Dwangklachten

De officiële benaming van een dwangstoornis is ‘obsessief-compulsieve stoornis’. Deze stoornis bestaat uit twee componenten, te weten terugkerende gedachten waar men angstig van wordt (obsessies of dwanggedachten) en terugkerende handelingen die bedoeld zijn om de angst te verminderen (compulsies of dwanghandelingen).

Mensen met dwangklachten denken bijvoorbeeld steeds dat zij viezigheid aan hun handen hebben (obsessie) en gaan als reactie daarop veelvuldig hun handen wassen (compulsie). Ook kunnen mensen bang zijn dat zij het gas aan hebben laten staan en er brand zal ontstaan (obsessie), waardoor zij telkens het gasfornuis controleren (compulsie). De uitvoer van de dwanghandelingen kost vaak veel tijd waardoor mensen in de problemen kunnen komen op andere vlakken, zoals in hun relatie of op het werk.

Hypochondrie

Hypochondrie wordt ook wel ‘ziekte-angststoornis‘ genoemd. Het is de angst voor een ernstige ziekte of de overtuiging dat u een ernstige ziekte heeft, terwijl dit niet uit medisch onderzoek blijkt. Meestal worden bij hypochondrie lichamelijke sensaties of klachten verkeerd geïnterpreteerd. Omdat de overtuiging dat er sprake is van een ernstige ziekte erg hardnekkig kan zijn, hebben mensen vaak al een lang medisch traject achter de rug. Wanneer uit medisch onderzoek geen aanwijzingen voor een ernstige ziekte naar voren komen, zijn mensen met hypochondrie vaak maar korte tijd gerustgesteld. Vaak worden zij al snel toch weer angstig.

Hypochondrie valt officieel onder de zogeheten ‘somatoforme stoornissen’ en niet onder de ‘angststoornissen’. Echter, omdat mensen met hypochondrie doorgaans veel angst rapporteren, wordt deze klacht toch vaak als angstklacht gezien.

Gegeneraliseerde angst

Een andere naam voor een gegeneraliseerde angststoornis is ‘piekerstoornis’. Mensen met een gegeneraliseerde angststoornis piekeren al lange tijd, soms al zo lang zij zich kunnen herinneren. Zij piekeren veelvuldig en over allerlei uiteenlopende onderwerpen. Vaak piekeren zij ook over het piekeren zelf. Het piekeren leidt weer tot klachten zoals gespannenheid, slecht slapen en een verminderde concentratie.

Een gegeneraliseerde angststoornis wordt behandeld middels ‘metacognitieve therapie’, een variant van de cognitieve gedragstherapie. Er wordt bij behandelvorm niet ingegaan op de onderwerpen waarover u piekert, maar er wordt gekeken naar de gedachten die u over het piekeren heeft. Deze gedachten worden ‘metacognities’ genoemd. Een metacognitieve therapie richt zich op het veranderen van deze metacognities.